Winstmarge berekenen over de verkoopprijs
De brutowinst is het verschil tussen verkoop en inkoop. Voor de brutomarge deel je dat verschil door de verkoopprijs. Koop je een product in voor € 80 en verkoop je het voor € 100, dan is de brutowinst € 20 en de marge 20%.
Opslag gebruikt een andere grondslag
Voor opslag deel je dezelfde € 20 door de inkoopprijs van € 80. Dat geeft 25%. De euro’s winst zijn gelijk, maar het percentage verschilt doordat je een ander basisbedrag gebruikt. Vermeld daarom altijd of je marge of opslag bedoelt wanneer je een prijsafspraak maakt.
Rekenmethode en aannames
Dit is brutomarge, geen nettowinst. Personeel, huur, marketing en andere algemene kosten zijn niet afzonderlijk meegenomen. Bij een verkoopprijs van nul is marge niet gedefinieerd; bij een inkoopprijs van nul geldt dat voor opslag.
Rekenvoorbeelden met verschillende invoer
| Invoer en uitgangspunten | Uitkomst |
|---|---|
| Inkoop € 80, verkoop € 100 | 20% marge; 25% opslag |
| Inkoop € 100, verkoop € 150 | 33,33% marge; 50% opslag |
| Inkoop € 100, verkoop € 80 | −25% marge; € 20 verlies |
Welke kosten vul je als inkoopprijs in?
Vergelijk de kosten en opbrengst van dezelfde eenheid, bijvoorbeeld één artikel of één verkooppakket. Als transportkosten onderdeel zijn van je kostprijs, verdeel ze dan eerst passend over de eenheden. Tel geen kosten dubbel en houd algemene bedrijfskosten apart als je alleen de brutomarge wilt bekijken.
Inclusief of exclusief btw
Wanneer btw aftrekbaar is, worden zakelijke marges doorgaans op bedragen exclusief btw vergeleken. De calculator bepaalt niet of je btw mag aftrekken. Met btw uit een bedrag halen kun je een prijs omrekenen voordat je de marge berekent. Gebruik aan beide kanten dezelfde basis.
Wat vertelt een negatieve marge?
Bij een verkoopprijs onder je inkoopprijs is de brutowinst negatief. Je verkoopt dan op deze twee ingevoerde posten met verlies. Een positieve brutomarge betekent echter nog niet dat alle overige kosten zijn gedekt: huur, personeel en marketing kunnen de uiteindelijke winst verminderen.
Van productprijs naar ondernemingsbegroting
Voor een dienst met uren als belangrijkste capaciteit kun je een benodigd zzp-uurtarief berekenen. Wil je een korting op de verkoopprijs testen, reken dan eerst met het kortingspercentage een nieuwe prijs uit en vul die opnieuw in. Een kleine prijsverlaging kan een groot deel van je brutowinst wegnemen.
Van marge naar je verkoopprijs
Weet je welke marge je wilt behalen? Bereken dan de benodigde verkoopprijs. Met de break-evenafzet zie je vervolgens hoeveel producten je moet verkopen om je vaste en variabele kosten te dekken.
Veelgestelde vragen
Wat is het verschil tussen marge en opslag?
Marge is de brutowinst gedeeld door de verkoopprijs. Opslag is de brutowinst gedeeld door de inkoopprijs. Bij € 80 inkoop en € 100 verkoop is de marge 20% en de opslag 25%.
Moet ik btw meenemen bij winstmarge?
Gebruik bedragen op dezelfde basis. Als je de btw kunt aftrekken, vergelijk je doorgaans bedragen exclusief btw. Deze calculator bepaalt niet of jouw btw aftrekbaar is.
Is een negatieve winstmarge mogelijk?
Ja. Als je verkoopprijs lager is dan je inkoopprijs, maak je op die eenheid een brutoverlies. De calculator toont dan een negatieve marge en een negatief winstbedrag.
Is twintig procent opslag hetzelfde als twintig procent marge?
Nee. Opslag is een percentage van de inkoopprijs en marge van de verkoopprijs. Bij inkoop € 80 en verkoop € 100 zijn ze 25% en 20%.
Waarom is de marge bij verkoop voor nul niet gedefinieerd?
De formule deelt door de verkoopprijs. Delen door nul is niet mogelijk, ook al kan het verliesbedrag wel worden berekend.
Bronnen en controle
De berekening volgt de hierboven beschreven formule en telregels. De voorbeeldwaarden zijn bedoeld om de werking controleerbaar te maken.
Tekst bijgewerkt op 16 oktober 2026. Formules zijn met voorbeeldwaarden en grensgevallen getest. Dit is geen onafhankelijke inhoudelijke goedkeuring. Lees hoe we berekeningen controleren.
